Waarom twijfel ik zo aan mijzelf
Je voelde het.
Eigenlijk wist je het.
En toch ging je twijfelen.
Doe ik hier wel goed aan?
Kan ik dit wel?
Wat als ik een verkeerde keuze maak?
Wat zullen anderen ervan vinden?
Ben ik eigenlijk wel goed genoeg?
En dus vraag je anderen om raad.
Je luistert naar hun mening.
Je past je misschien opnieuw aan.
En ergens onderweg raak je steeds verder verwijderd van wat jij in eerste instantie zelf voelde.
Herken je dat?
Misschien twijfel je niet zoveel aan jezelf omdat je niet weet wat je wilt.
Misschien ben je het vertrouwen in je eigen gevoel een beetje kwijtgeraakt.
Omdat je jarenlang rekening hebt gehouden met anderen. Omdat jouw gevoel vroeger niet altijd werd begrepen of serieus genomen. Omdat je hebt geleerd om eerst te kijken naar wat een ander nodig heeft en daarna pas naar jezelf.
En misschien heb je jezelf daardoor ongemerkt steeds een beetje kleiner gemaakt.
Maar diep van binnen zit dat weten er nog steeds.
Dat eerste gevoel.
Die gedachte die zomaar opkomt.
Dat stemmetje dat zegt: doe het.
Of juist heel duidelijk: nee, dit klopt niet voor mij.
En dan komt je hoofd.
Met honderd redenen waarom je dat gevoel vooral níét moet vertrouwen.
Juist daar ligt jouw uitdaging.
Niet nóg meer antwoorden zoeken bij anderen.
Maar weer leren luisteren naar jezelf.
Want iedere keer dat jij jouw eigen gevoel opzijzet omdat een ander iets anders vindt, vertel je jezelf eigenlijk:
“Ik vertrouw jou niet”.
En iedere keer dat je wél naar dat innerlijke weten luistert, gebeurt het tegenovergestelde.
Dan groeit het vertrouwen.
Niet in één grote stap.
Maar keuze voor keuze.
Tot je op een dag niet meer als eerste denkt:
Wat zullen anderen hiervan vinden?
Maar:
Wat vind ík? Wat voelt voor míj goed?
Misschien is dat wel waar het begint.
Niet bij de vraag of je goed genoeg bent.
Maar bij de beslissing dat jouw gevoel er óók toe doet.